De ondergrondse resten van de historische Brustempoort in Sint-Truiden worden beschermd als monument. Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Ben Weyts heeft de aanvraag van het vorige Truiense stadsbestuur goedgekeurd. Door de bescherming kan een uniek stuk stadsgeschiedenis veilig worden gesteld ook al stonden Brustemnaren en Truienaren in de Middeleeuwen met getrokken wapens tegenover elkaar. 

  • Beelden © ST

De beschermde resten bevinden zich vandaag onder de Naamsevest, de Luikerstraat en het Europaplein. Bovengronds valt er nauwelijks iets te zien. De Brustempoort geldt als een van de oudste bewaarde onderdelen van een stadsomwalling in Vlaanderen. Bovendien bleef er ook een zeldzaam verdedigingswerk uit de 16de eeuw bewaard, wat de archeologische waarde van de site nog vergroot. Dankzij de bescherming kunnen de overblijfselen niet alleen beter bewaard worden, maar ontstaat er ook meer ruimte om het erfgoed in de toekomst opnieuw toegankelijk te maken voor inwoners en bezoekers. De aanvraag voor bescherming werd eerder ingediend op initiatief van het vorige stadsbestuur. Dat wilde de ondergrondse resten veiligstellen en op termijn opnieuw openstellen voor het publiek.

Verdedigingsgordel

De Brustempoort was een van de belangrijkste toegangspoorten van de middeleeuwse stadsomwalling. Samen met de Clockempoort vormde ze de eerste verdedigingsgordel van de stad. Door haar strategische ligging speelde ze een cruciale rol in de verdediging van Sint-Truiden en werd ze doorheen de geschiedenis meermaals aangepast aan nieuwe militaire technieken. Wat oorspronkelijk begon als een eenvoudige rechthoekige poort met voorburcht, groeide uit tot een versterkte toegangspoort die geschikt was voor artillerie. Vooral omdat ze een kwetsbaar deel van de stadsverdediging moest beschermen, kreeg de Brustempoort een sleutelpositie binnen het verdedigingssysteem. D

Onder de grond

De restanten van het bouwwerk bevinden zich ongeveer 7,7 meter onder het huidige straatniveau. Het ondergrondse complex telt twee verdiepingen en omvat gangen, kamers, schietgaten, nissen voor lonten en voorzieningen om kruitdampen af te voeren. De oudste muren in silex zouden teruggaan tot versterkingen uit de 12de eeuw, terwijl grote delen van het bakstenen gedeelte rond 1510 werden opgetrokken. Na de Franse Revolutie verdwenen de laatste zichtbare resten van de stadspoorten en vestingmuren. Pas in 1897 werden de overblijfselen van de Brustempoort opnieuw ontdekt tijdens rioleringswerken.