VELM/SINT-TRUIDEN —

Wie de regionale digitale media volgt, heeft beslist al eens bijdragen gelezen van filosoof en geschiedenisliefhebber Eddy Strauven (foto), onder meer over Kelsbeek, Metsteren, Velm, de kastelen van Terbeek, Terbiest en ‘t Spinveld. Recent deed deze coördinator van filosofiehuis Het zoekend hert in Berchem-Antwerpen, geboren in Sint-Truiden en getogen in Nieuwerkerken, een warme oproep aan de inwoners van Velm en de brede regio om mee te speuren naar ontbrekende puzzelstukken uit de geschiedenis van de familie Fallas, een ooit nogal machtige stamboom waarvan vandaag zelfs geen twijgje met die naam nog lijkt over te blijven. Onze vraag: waarom deze speurtocht?

  • Interview door Rudi De Cock
  • Beelden © Eddy Strauven
  • Lees telkens verder onder de foto

Tijdens een ruimer onderzoek van Eddy Strauven kwam plots een speciale figuur naar voor: Maria Lodovica Fallas, geboren op 19 april 1835 in Velm en overleden op 17 november 1894 in het Kasteel Spinveld in Metsteren, nabij Sint-Truiden. Maria Lodovica was de weduwe van Guillielmus Josephus Honlet met wie ze twee kinderen had, maar geen verdere nazaten.

Truiens Nieuws (TN): “Wat heeft uw interesse gewekt in die familie Fallas?”

Eddy Strauven: “In een eeuwenlang zeer dynamische regio, zowel op het vlak van economie en politiek als religie en cultuur, verwierven een aantal individuen en families een sterke invloed. Inmiddels is hun geschiedenis omzeggens vergeten. De familie Fallas was vooral machtig in de regio tussen Cras-Avernas, Landen en Tienen maar ze kwam gaandeweg in de regio Sint-Truiden mee aan bod, onder meer door connecties met de excentrieke liberale politicus Clément Peten, een uitzonderlijke boerenzoon en een ingenieur met een romantisch potentieel die onvoldoende erkend werd, deels omdat men deze krachtdadige doorduwer vanuit de traditionele machten wilde neutraliseren. De impact van deze politicus, nijveraar en volksvertegenwoordiger intrigeerde mij des te meer omdat familiale verwanten van Clément Peten einde 19de eeuw enige tijd in het nogal mysterieuze kasteel Spinveld in Metsteren bleken gewoond te hebben.”

 

Foto hierboven – Het kasteel van burgemeester, volksvertegenwoordiger en paardenfokker Clément Peten (1866-1929) in Velm

TN: “Wat is er zo bijzonder aan die Maria Lodovica Fallas en de familie Fallas?”

Strauven: “De families Fallas en Falla hebben sinds midden de 19de eeuw in of vanuit meerdere gemeenten in onze regio een bepaalde macht ontwikkeld. Maar als gevolg van pandemische ziekten en andere ongunstige fenomenen verdwenen ze definitief uit beeld. Maria Lodovica Fallas volgde gezondheidskuren in binnen- en buitenland vooraleer ze op 59-jarige leeftijd zou bezwijken. Haar zoon hield nog een maatschappelijke impact in stand, als advocaat, rechter en raadsheer bij het Hof van Cassatie, maar dan enkel nog met de familienaam Honlet en een lijn die zich ook niet meer zou doortrekken. Juist door het gebrek aan nazaten is de interesse voor de familie Fallas dermate opgedroogd dat dit geslacht nooit lijkt bestaan te hebben.”

TN: “Wat maakt een welhaast verdwenen familie zo boeiend dat u daar tijd in wil steken?”

Strauven: “In het ruimere verhaal werd ik zowel geïntrigeerd door romantische, sociale en poiltieke aspecten. In kasteel ’t Spinveld in Metsteren leefden midden in de 19de eeuw twee broers, industriëlen en jeneverstokers van Luikse origine, die er volgens intrigerende volksverhalen geheime bijeenkomsten met vrijmetselaars organiseerden. Die ongehuwde mannen werden in Luik onder een soort van loge-piramide begraven, samen met de zoon van een uitzonderlijke dichter-politicus-industrieel, zelf kunstenaar en botanicus. In en vanuit nogal wat kastelen in de Truiense regio ontstonden vergelijkbare, zichtbare en onzichtbare connecties, soms via amoureuze relaties of bastaardkinderen. Vele adellijke lieden, zelfs meerdere Belgische koningen en een Nederlandse vorst, lieten zich hier op markante wijze opmerken. Bepaalde van hun niet officieel erkende nazaten ontvingen speciale gunsten of een alternatieve erkenning bij wijze van dank of afkoop. Intrigerende verhalen zijn dat, telkens opnieuw, soms met de spankracht van een roman.”

TN: “U bent al even bezig met uw zoektocht. Wat maakt deze regio voor u interessant genoeg?”

Strauven: “Ik bekijk de regio Sint-Truiden vanuit een ruimer perspectief en over de eeuwen heen. Doorgaans kijken Truienaars, zoals welhaast elk individu, niet veel verder terug dan hun ouders of grootouders. Nochtans is deze regio als culturele bakermat heel vruchtbaar geweest. Er is niet alleen de boeiende geschiedenis van de abdijen van Sint-Truiden en Herkenrode met hun ruim verspreide bezittingen. Een van de eerste belangrijke filosofische romans, ‘Le Roman de la Rose’, een werk met duizelingwekkende diepgang, speelt zich uitgerekend in Sint-Truiden af. De Franstalige wereldauteur Conrad Detrez schreef in de jaren zestig van vorige eeuw een schitterend boek over de katholieke cultuur en het traditionele, zeer onderdrukkende onderwijs in deze regio. Wat vandaag betreft: popartiest Nick Cave componeerde een krachtig nummer over de Truiense mystica en volksheilige ‘Christina de Wonderbare’. Een bepaald mysticisme was in de Limburgse regio’s ooit sterk aanwezig doordat religieuze aspiraties door de bestuurlijke en kerkelijke machten moeilijk konden worden getemperd. Het gebied dat we nu Limburg noemen had een versplinterd bestuurlijk landschap, mede doordat het zowel fysiek als cultureel ver verwijderd lag van het prinsbisschoppelijke machtscentrum in Luik. Bepaalde vrijheden hebben daardoor tot een interessante volkscultuur en kenmerkende eigenheden aanleiding gegeven.

TN: “U publiceerde recent een oude postkaart met een 19de-eeuwse villa: de woning van ‘Mademoiselle Fallas’ in Velm (foto bovenaan, red.). Wat wilt u er graag over te weten komen?”

Strauven: “Bepaalde mysterieuze woonhuizen, weze het een lemen stulpje, een burgerlijke villa of een eeuwenoud kasteel, kunnen spannende gegevens versluieren: wie heeft het wanneer gebouwd en met welk doel? In welke mate waren de bewoners bij het sociale leven en bepaalde machtsstructuren betrokken? Het mysterieuze van zo’n woning kan versterkt worden door de aanwezigheid van interessante persoonlijkheden of door de functie die ze hadden: leefde daar een machtige ambtenaar of burgemeester, een geheime minnares of een vermeende heks, een onconventionele kasteelheer, denker of politieke opposant? Liefst ga ik op zoek naar uitingen van het uitzonderlijke, zowel in het goede als in het kwade. Als het maar kan boeien of verhelderen, helpen om het werkelijke leven bloot te leggen. Wat betreft die ene woning in Velm is alle informatie welkom. Te beginnen met de vraag: wie was die mademoiselle Fallas werkelijk en waarom opteerde ze ervoor juist in die bepaalde omgeving een villa te bouwen? Ik hoop dat mensen uit Velm, Sint-Truiden of daarbuiten, die nog familielegendes kennen of documenten en foto’s bezitten zich willen melden. Wat ik te weten ben gekomen op basis van nog levende roddels heeft me alvast bijzonder geïntrigeerd.”

Foto hierboven – De 18de-eeuwse Damshoeve in Muizen, waar burgemeester Alexander Fallas (°1884-?) werkte en woonde

TN: “Wat wil u graag bereiken? Bent u van plan uw informatie te bundelen, bijvoorbeeld in een publicatie of tentoonstelling?”

Strauven: “Het gaat mij vooral om een filosofische interesse voor de ooit heersende machtsverhoudingen en voor bepaalde sociale connecties en culturele strekkingen, dus vrij los van concrete familienamen. In andere dorpen, steden en regio’s heersten vergelijkbare elites, die elkaar vaak ook bekampten, politiek of anderszins. Mij gaat het vooral om de mechanismen en interacties die soms een minder zichtbare onderstroom vormden. Interessante individuen met afwijkende inzichten kwamen in de officiële verhalen nauwelijks aan bod of toch op weinig respectvolle wijze. De onderdrukkende machtsconnectie tussen kerk en traditionele elites werd vaak, niet geheel ten onrechte, uitgedrukt in het welbekende gezegde waarin een kasteelheer tot de dorpspastoor spreekt: ‘Houdt gij ze dom, dan houd ik ze arm.’ Zelf schreef ik ooit een algemeen boek over Limburg. Intussen coördineer ik een filosofiehuis in Antwerpen. Ik ben nu vooral geïnteresseerd in connecties met geestesgenoten die gevoelvolle aandacht hebben voor het uitzonderlijke individu en het karakteristiek-menselijke dat in historische periodes en intellectuele onderstromen intens aanwezig was, en nog steeds is. Heel interessant voor wie er aandacht en gevoel voor kan opbrengen.”

TN: “Wat zou voor u het mooiste resultaat zijn van uw onderzoek?”

Strauven: “Het ontsluieren van verborgen verhalen kan ons dichter bij ware werkelijkheden en de menselijke, soms al te menselijke eigenheid brengen. Historische onderzoeken kunnen boeiende trajecten inhouden en uiteindelijk het persoonlijke inzicht verlichten of versterken. Wie werkelijk in mens en wereld geïnteresseerd is, kan ook door lokale verhalen en geheimen ten zeerste geboeid en geïnspireerd raken. Bijzonder fijn is vaak al de tussentijdse respons tijdens openbare vragenrondes op het internet. Soms is de weg naar het doel mooier en interessanter dan een resultaat. Al zou het natuurlijk een extra meerwaarde kunnen betekenen als middels complementaire onderzoeken een consistent verhaal kan worden uitgewerkt dat een intense indruk nalaat op lezers van de huidige en volgende generaties, en hen misschien zelfs tot diepgaande bespiegelingen aanzet.”

TN: “Op welke wijze is uw interesse in zulke lokale geschiedenissen ontstaan?”

Strauven: “Mijn voorouders zijn afkomstig uit een afgelegen straatje in de noordelijke rand van Sint-Truiden. Het heeft mij altijd geïntrigeerd wat er in zo’n microkosmos allemaal leefde. Deze interesse in het zeer lokale gebeuren spoort met een interesse voor het algemeen-humane, zoals dat ook bij geëngageerde filosofen of de betere romanschrijvers tot uitdrukking kan komen. Mijn persoonlijke hunkering en interesses zijn mij omzeggens met de paplepel ingegeven, onder meer via een grootvader die zich van een arme wees tot een kritische maar onmachtige observator ontwikkelde. De impact van zo’n ongewone plattelandsarbeider en mijnwerker, zoals die grootvader, werd bij mij op latere leeftijd complementair aangevuld door de intellectuele impact van een filosofische leermeester, die zich als zoon van ongeletterde Joden letterlijk vanuit een kelder in een Vlaamse grootstad leerde te ontwikkelen, om zich vervolgens als onverzoenlijke professor en vrijgeest te onderscheiden. In een bepaalde levensfase leerde ik dat het schijnbaar lokale en particuliere als universeel kan gelezen worden, op voorwaarde dat het interessant verteld wordt en inzchtelijk in lijn gebracht.”

Wie informatie heeft over de familie Fallas, hun woonplaatsen, grafzerken, connecties met de familie Peten of meer weet over de geschiedenis van de woning op de postkaart, wordt gevraagd contact op te nemen met Eddy Strauven via eddy.strauven@telenet.be. Ook mensen die genealogische websites, lokale archieven of andere bronnen kennen, kunnen bijdragen aan het onderzoek.