Dit jaar is het precies 65 jaar geleden dat de tramlijn 476 definitief afgeschaft werd. Vanaf 1956 zouden bussen het personenvervoer en camions het goederenvervoer tussen beide steden moeten verzorgen. Maar ons openbaar vervoer is nu al dermate gemoderniseerd … dat er geen rechtstreekse lijn meer bestaat tussen Sint-Truiden en Luik


De lijn vertrok uit de stelplaats gelegen ten zuidwesten van het spoorwegstation van Sint-Truiden, naast de Tiensesteenweg, op de plaats die in de volksmond ‘de oude statie’ genoemd werd omdat daar van 1839 tot 1883 het eerste spoorwegstation van Sint-Truiden had gestaan. Ze liep over het Stationsplein in een boog naar de Stationsstraat en de Tiensepoort. Van daar liep ze in eigen bedding door ‘Sint-Anneke’ naar de Spaanse Brug, Naamsepoort en Naamsevest tot aan de Brustempoort. Daar boog ze af naar de Luikersteenweg, die ze bleef volgen tot voorbij de provinciegrens tussen Heers en Oreye. Van daar liep de lijn dan verder richting Luik.

Op deze lijn sloten nog andere tramlijnen aan, onder andere Sint-Truiden – Tienen (1907) en Sint-Truiden – Herk-de-Stad (1913). In Brustem was er een aftakking naar Hannuit via de Oude Borgwormsesteenweg (1911) en in Klein-Gelmen was er een aftakking naar de suikerfabriek van Mechelen-Bovelingen. In Oreye was er dan weer een aansluiting op de lijn Hasselt-Borgloon-Oreye (1900). Je zou bijna kunnen denken dat er rond 1900 meer openbaar vervoer was dan anno 2021! Het baanvak Sint-Truiden – Oreye was 17 km lang, en de tram stopte 16 keer. Maar er waren ook rechtstreekse verbindingen tussen beide steden.
De Eerste Wereldoorlog
Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden veel buurtspoorlijnen opgebroken door de Duitse bezetter, maar de lijn Sint-Truiden – Luik ontsnapte daaraan. Deze lijn maakte deel uit van het hoofdnetwerk van buurtspoorwegen waarop tijdens de oorlog reizigersverkeer over lange afstand werd georganiseerd. Er reden toen dagelijks twee of drie rechtstreekse stoomtrams van Brussel (Daillyplein) via de lijn Sint-Truiden – Oreye naar Ans bij Luik en terug, die de totale afstand in vier à vijf uur aflegden.

Voor drukkere lijnen en lijnen rondom de grote steden werd elektrificatie overwogen. Dat laatste was het geval voor de lijn Sint-Truiden – Luik. De baanvakken Ans – Alleur en Alleur – Oreye werden op 1 december 1930 respectievelijk 2 augustus 1931 geëlektrificeerd en op 15 juni 1936 was het de beurt aan het baanvak Sint-Truiden – Oreye. In 1936 werd ook een geëlektrificeerde verbindingslijn aangelegd tussen Alleur en Rocourt op de buurtspoorlijn Tongeren – Luik (Place St-Lambert), zodat de trams uit Sint-Truiden en Oreye hun eindpunt niet langer hadden in Ans maar konden doorrijden tot in het hart van de Vurige Stede. In 1955 duurde een tramrit naar Luik anderhalf uur.

Na de Tweede Wereldoorlog werden veel buurtspoorlijnen stilaan afgebouwd en werden de trams voor reizigers vervangen door autobusdiensten. Sommige lijnen bleven nog een tijdje in dienst voor goederenvervoer, totdat ook daar de concurrentie van het wegvervoer te groot werd en de spoorlijnen werden gesloten en opgebroken. Op de lijn Sint-Truiden – Oreye werd het reizigersvervoer stilgelegd op 24 oktober 1956, het goederenvervoer op 7 januari 1957 (na afloop van de suikerbietencampagne, de lijn bediende immers ook de suikerfabrieken van Oreye, Mechelen-Bovelingen en Sint-Truiden). Het baanvak Sint-Truiden – Oreye werd opgebroken in de jaren 1957-1958.


Spoorboekje 1955 Spoorboekje 1907























